Mechanismen

Om filantropie te onderzoeken reiken Bekkers en Wiepking (2011) een literatuurstudie aan naar academische literatuur over liefdadigheid. Hun onderzoek is gebaseerd op meer dan 500 artikelen. Ze identificeren acht verklarende mechanismen als de belangrijkste krachten die aanzetten tot liefdadigheid. Dit zijn (a) besef van behoefte; (b) verzoek om liefdadigheid; (c) kosten en baten; (d) altruïsme; (e) reputatie; (f) psychologische baten; (g) waarden en (h) doeltreffendheid. Onderzoek naar filantropisch gedrag heeft baat bij dit overzicht. De kwaliteit van onderzoek wordt verhoogd door mechanismen expliciet te testen met adequate statistische modellen (Bekkers & Wiepking, 2011). De mechanismen bieden theoretische basis ter verklaring van filantropisch gedrag.

Niet alle acht verklarende mechanismen als de belangrijkste krachten die aanzetten tot liefdadigheid bieden een verklaring voor een verschil in leengedrag als gevolg van het effect van teams. Er wordt tot een selectie van mechanismen gekomen die een verklaring kunnen bieden voor verschil in leengedrag als gevolg van teamlidmaatschap. De toepassing voor elk mechanisme, binnen de context van teams, wordt beargumenteerd.

b) Verzoek om liefdadigheid

Een verzoek om een lening te verstrekken kan een verklaring zijn voor leengedrag op Kiva.org. Dit mechanisme wordt getypeerd door Bekkers en Wiepking (2011) als een interactie tussen personen. Het is daarom aannemelijk dat dit mechanisme van toepassing is op dit onderzoek. Namelijk, wanneer een leningverstrekker lid wordt van een leenteam, wordt hij of zij ook lid van het teamforum. Daarmee ontstaat de mogelijkheid dat een leningverstrekker in contact komt met teamleden op dat forum die een verzoek doen om een lening te verstrekken. Er kan daarom verwacht worden dat (hypothese 1) iemand meer leningen verstrekt wanneer hij lid is van en team/meer teams.

e) Reputatie

Het mechanisme reputatie verwijst naar de sociale consequenties van donatie (Bekker & Wiepking, 2011). Wanneer een leningverstrekker een donatie toeschrijft aan een team wordt zijn of haar leenactiviteit, met daarbij zijn of haar profielinformatie, tijdelijk uitgelicht op de teampagina. Het gaat dan om een publieke donatie die erkend kan worden door mede-teamleden. Dit kan volgens Bekkers en Wiepking (2011) uitgelegd worden door het mechanisme van reputatie. Verder kan leenactiviteit binnen dit mechanisme als instrumenteel gezien worden wanneer het wordt ingezet om goedkeuring van bepaalde waarden over te brengen. Dit mechanisme versterkt naar verwachting het verwachtte effect bij hypothese 1, omdat het ontvangen van reputatie beter gefaciliteerd wordt binnen teamverband.

f) Pyschologische kosten en baten

Er zijn verschillende redenen waarom mensen prettige psychologische ervaringen kunnen hebben bij donaties. Het kan schuldgevoelens verlichten, een goed gevoel geven omdat er gehandeld wordt in lijn met sociale normen of een goed gevoel geven omdat gehandeld wordt in lijn met een specifiek (prosociaal, altruïstisch) zelfbeeld (Bekkers & Wiepking, 2011). De eerste twee kunnen van toepassing zijn wanneer mensen een lening verstrekken via Kiva.org. Teamlidmaatschap verhoogt de kans op sociale druk, omdat er binnen teamverband meer manieren zijn waarop teamleden dat kunnen uitoefenen. Deze sociale druk kan zich uiten in vormen van straf voor inactiviteit binnen teamverband of versterkte normen. Het kan ook vorm krijgen doordat lidmaatschap van een leenteam relationele verplichtingen (van bepaalde (leen)activiteit) met zich meebrengt. Daarom is te verwachten dat de effecten, die verwacht worden bij hypothese 1, versterkt worden door dit mechanisme.

h) Doeltreffendheid

Onder het mechanisme doeltreffendheid is het leiderschapseffect ondergebracht. Dit effect beschrijft een toename van donaties wanneer mensen andere mensen of een persoon met status een donatie zien doen. Ook de rente, die MFI’s rekenen over de lening die zij verstrekken met het geld van Kiva.org, is een indicator van doeltreffendheid. De rentegemiddelden van een MFI zijn inzichtelijk in de beschrijving van het leendoel op Kiva.org. Het is te verwachten dat een MFI met een lager rentegemiddelde als doeltreffender wordt gezien. Daarom kan verwacht worden dat een MFI met een lager rentegemiddelde meer donaties op de leenverzoeken onder haar verantwoordelijkheid ontvangt. Bovendien is de ratio van terugbetalingen versus uitblijven van terugbetaling inzichtelijk. Ook dit is een indicator van doeltreffendheid. Een MFI met een hoge mate van terugbetaling zal naar verwachting als doeltreffender worden gezien en daarom meer donaties ontvangen. De rentegemiddelden en ratio van terugbetalingen zijn echter beide onafhankelijk van de lidmaatschappen van donoren. Op basis van het leiderschapseffect kan een positief effect bij hypothese 1 verwacht worden, omdat de activiteiten van de leider beter inzichtelijk zijn binnen teamverband dan daarbuiten. Dit kan het effect, dat verwacht wordt met hypothese 1, verklaren.


Referenties:
Bekkers, R. en Wiepking, P. (2011). A Literature Review of Empirical Studies of Philanthropy: Eight Mechanisms That Drive Charitable Giving. Nonprofit and Voluntary Sector Quarterly, 40(5). 924-973

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *